Het is raadzaam dat Nederland zich voorbereidt op een toekomst met wereldwijd meer klimaatgerelateerde migratie. Dat kunnen we doen door meer kennis op te bouwen en te monitoren in Nederland en in Europa, door in ons buitenlandbeleid rekening te houden met klimaatgerelateerde migratie, en door te overleggen met andere landen hoe we er wereldwijd mee om willen gaan. Dit staat in de gezamenlijke signalering “In beweging komen. Over de invloed van klimaatverandering op migratie en wat dit betekent voor Nederland” van de Adviesraad Migratie (AM) en de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR).
Download: In beweging komen. Signalering klimaat en migratie
Download in het Engels: Summary briefing 'Start to move. How climate change influences migration and what this means for the Netherlands'
Download: Visuele samenvatting signalering In beweging komen

Beeld: © Jurgen/Flickr
Klimaatgerelateerde migratie
Klimaatgerelateerde migratie is de verplaatsing van mensen uit hun woonplaats, met als medeoorzaak klimaatverandering. Niet iedereen die de gevolgen van klimaatverandering ondervindt, zal migreren. Naast klimaatverandering spelen sociaaleconomische, politieke en culturele factoren een belangrijke rol bij migratie.
Aard en patronen
Het is niet precies vast te stellen hoeveel mensen migreren door de geleidelijke en indirecte gevolgen van klimaatverandering. Dat komt door het complexe verband tussen klimaatverandering en migratie, en door een gebrek aan data, monitoring en onderzoek. Wat we weten over de aard en patronen van klimaatgerelateerde migratie is:
- De meeste klimaatgerelateerde migratie vindt plaats over relatief korte afstand, binnen het eigen land of naar buurlanden in de regio;
- Klimaatverandering versterkt de wereldwijde trend van verstedelijking;
- Klimaatverandering speelt in Afrika nu al een belangrijke rol bij migratie, en ook voor de toekomst wordt veel klimaatgerelateerde migratie binnen dit continent verwacht;
- Vanuit kleine eilandstaten wordt klimaatgerelateerde migratie over langere afstand verwacht.
Wat kan Nederland doen?
Omgaan met klimaatgerelateerde migratie is in de eerste plaats een nationale aangelegenheid, omdat het vooral om migratie binnen landen en regio’s gaat. Het is dus primair aan landen zelf om zich hierop voor te bereiden. Ook Europa en Nederland zullen vaker met klimaatgerelateerde migratie te maken krijgen. In Nederland is hier binnen de politiek en het beleid nog beperkt aandacht voor. Toch kan Nederland op verschillende niveaus de volgende stappen zetten.
In Nederland en binnen Caribisch Nederland gaat het om:
- Voorbereid zijn op natuurrampen, in het hele Koninkrijk;
- Debat bevorderen over waar we nog kunnen wonen in de toekomst, en waar mensen heen moeten die nu op plekken in Nederland wonen die straks misschien onbewoonbaar zijn;
- Inzicht krijgen in klimaatverandering als drijfveer voor migratie binnen Nederland en binnen ons Koninkrijk.
In Europa gaat het om:
- Inzicht krijgen in klimaatverandering als drijfveer voor migratie binnen en naar Europa;
- Nederland kan onderzoeken in hoeverre bestaande mensenrechtenverdragen, zoals het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, in de toekomst aanspraken op verblijf kunnen meebrengen voor klimaatgerelateerde migranten;
- Nederland kan overwegen om nationaal klimaat(werk)visa te bieden aan klimaatgerelateerde migranten.
Met landen buiten Europa gaat het om:
- Samenwerken met lage- en middeninkomenslanden bij het omgaan met klimaatgerelateerde migratie in eigen land, bijvoorbeeld door expertise op scenariowerk in te zetten om klimaatgerelateerde migratie in beeld te brengen;
- Nederland kan meer inzetten op samenwerking met lage- en middeninkomenslanden om geopolitieke en handelsredenen waarbij we baat hebben bij stabiele en veilige partnerlanden. Nederland kent daarbij ook een verantwoordelijkheid om bij te dragen vanuit het VN-Migratiepact en het Parijs-akkoord.
Presentatie signalering
Op 23 september 2026 presenteerden de Adviesraad Migratie en de Wetenschappelijke Klimaatraad de signalering tijdens een publieksbijeenkomst aan Speciaal gezant voor migratie Peter Schuurman. Hoogleraar Climate Mobilities Ingrid Boas, hoogleraar Nederlandse literatuur- en cultuurgeschiedenis Lotte Jensen en Tesse de Boer van het Red Cross Climate Centre reflecteerden op de signalering. Vervolgens gingen de deelnemers met elkaar in gesprek over de thema’s uit de signalering.